HELLENDOORN OP ZAAL, Hellendoorn 2003

Observatiekliniek
Ida van der Lee heeft de identiteit van de gemeente Hellendoorn onderzocht. Als een dokter heeft zij de patiënt geobserveerd. Nijverdal bleek een identiteitscrisis te hebben en kreeg een ziekenhuis bed en een infuus van Cola en Breezer omdat er voor de jeugd niets te doen is. Omdat de buitengebieden landelijk en rustig zijn werden de matrassen werden buiten de ledikanten gelegd. De installatie diende als gereedschap voor een openbaar debat over de identiteit. De bevolking werd in consult geroepen om de diagnose vast te stellen. Een vouwblad met een impressie van het onderzoek, werd huis aan huis bezorgd.

OPDRACHT
Proeftuin Twente
In het project Proeftuin Twente wilden de initiatiefnemers Kunstvereniging Diepenheim en SKOR (Stichting Kunst en Openbare Ruimte) de culturele aspecten van de planologie van Twente aan de orde stellen. Hierbij stond de -open- vraag centraal wat het specifieke karakter van Twente is en hoe dit een rol kan spelen in de ontwikkeling van een toekomstperspectief voor de regio.

Proeftuin Twente ging uit van 'identiteit', dat als dynamisch begrip aan veranderingen onderhevig is en vele lagen kent. In nauwe dialoog met de bewoners is de culturele identiteit van de streek onderzocht; de resultaten daarvan zijn in ontwerpschetsen vastgelegd. Bovendien is in dit project de culturele identiteit zelf tot onderwerp van onderzoek geworden. Veertien kunstenaars hebben onder de noemer Mobiele Laboratoria in veertien gemeentes een maand lang onderzoek gedaan. Ze hebben de identiteit elk op een eigen wijze in beeld gebracht.

Tekst vouwblad: Observatieverslag, juni 2003

FAMILIE HELLENDOORN OP ZAAL
De Familie Hellendoorn ligt in de observatiekliniek. Op zaal liggen de volwassenen Hellendoorn en Nijverdal en de kleintjes Haarle, Daarle, Daarlerveen en Hulsen. Ze liggen op een aparte vleugel, in de luwte van de drukke afdelingen. De sfeer is rustig. De patiënten zijn aardig, werken mee aan de behandelingen, al zijn ze soms wat passief en onderdanig.

Om de familie op haar gemak te stellen heeft de directie besloten de vloer van de zaal te stofferen met matrassen en dekens in diverse tinten en motieven. De omgeving moet mooi, rustgevend en afwisselend zijn, dat zijn de Hellendoorners gewend en alleen zo durven ze bezoek te ontvangen. Het was wel lastig om nog goede stoffeerders te vinden. Ze stoppen aan de lopende band tegenwoordig.

Hellendoorn is een oude vrouw van 925 jaar. Ze voelt zich thuis in haar oude vertrouwde bed, zij heeft er zelfs een soort huisje van gemaakt. De buren hebben daarbij geholpen, dat sprak voor zich. Ze is heel netjes op haar antieke bed en wordt kwaad wanneer de verpleging voorstelt een om nieuw, modern bed aan te schaffen. Niks daarvan.

Ze slaapt veel en droomt over vroeger. Zij wil liever geen vreemden op bezoek. Ze vraagt altijd waar ze vandaan komen. Als het geen Hellendoorn is dan praat ze niet honderd uit, zoals ze bij haar plaatsgenoten doet. Ze doet nogal zuur over Nijverdal; die ziekelijke lelijkerd tegenover haar. Dat ze daar op haar hoge leeftijd ooit aan begonnen is snapt ze zelf niet.

Nijverdal is een jongeman van 175 jaar. Desondanks verkeert hij in een zorgelijke toestand. Hij zit niet lekker in zijn vel, is onrustig en klagerig. Ondanks zijn leeftijd lijdt hij aan geheugenverlies: hij ontkent zijn geschiedenis. Al het mooie dat hij opbouwt, breekt hij even hard weer af. Onzekerheid?

Nijverdal ligt in een ziekenhuisbed vanwege de intensieve zorg die nodig is. Hij ligt aan de monitor. Zijn kloppende hart is zwak en onregelmatig. Hij heeft een ernstig hoge bloeddruk. De hoofdslagader, de grote straat van zijn lichaam, is verstopt. Stolsels verstoren de doorstroming. Een bypass wordt overwogen. Een infuus van Cola en Breezer moet zijn gebrek aan jeugdige activiteit een oppepper geven. Wel speelt hij veel met zijn houten treintje en maakt tekeningen van een tunnel. Hij houdt vol dat het in het echt ook moet kunnen. Grootheidswaanzin?

Hij wil dekens van kunstgras. Hygiënisch en netjes. Je kunt het oprollen en de puinhopen eronder vegen. Wollen dekens zijn hem te natuurlijk, er is genoeg natuur in de omgeving.

De relatie met zijn partner Hellendoorn is niet best. Ze blijft hem maar afbekken, daar krijgt hij ook geen zelfvertrouwen van. Ze kan het niet hebben dat hij nu de leiding heeft en internationale bekendheid geniet. Daar heeft hij hard voor gewerkt. Hij weet ook wel dat zij aantrekkelijker is met al dat antiek. Dat heeft ziel. Wat heeft hij nou in huis? De facelifts hebben weinig uitgehaald. Hij verlangt terug naar zijn knobbelneus en onderkin. Stond best gezellig en zo kende ze hem. Nu staren ze hem aan alsof hij een vreemde is. Hij weet niet hoe hij zijn relatie met Hellendoorn moet noemen. Was het een gedwongen huwelijk? Hij was nog jong, Hellendoorn had zijn moeder kunnen zijn. Heeft Nijverdal een identiteitscrisis?

De kleine telg Hulsen is een schim van wie hij was. Zijn bedje is platgedrukt tussen Nijverdal en Hellendoorn. De stoere telgen van de familie, Daarle en Haarle, gaan hun gangetje. Zij zijn klein van stuk maar oud en wijs. Ze vermaken zich op de heerlijke matrassen buiten, hoewel dat de laatste tijd minder wordt.

Daarlerveen, het buitenbeentje, staat buiten op de gang. Niet omdat hij lastig is, nee, hij is graag op zichzelf. Van zijn bedje is een bad gemaakt. Water is hem vertrouwd.
Nijverdal en Hellendoorn kijken niet zo om naar hun kleine grut. Ze zijn met zichzelf bezig. Verwaarlozen ze hun kleintjes of geven ze hen zelfstandigheid?